Je hebt van die dagen, dat bepaalde dingen maar niet uit je hoofd willen.
Meestal zeurt er een of andere psalm of christelijke smartlap de hele dag in mijn hoofd rond, maar de laatste tijd is het wat anders wat me bezighoudt.
Dat begon een poosje geleden, tijdens de Holocaust Herdenking. Toevallig had ik die dag in mijn verzameling foto’s en knipsels van en over Valkenburg zitten snuffelen en was daarbij gestuit op de foto van een oude vrouw.
Hoewel de foto voor Wereldoorlog II gemaakt was in de Korte Hoefstraat in Leiden moest er toch wel iets zijn wat haar met Valkenburg verbond.
![]() |
Rosetta van Gelderen - de Leeuw Korte Hoefstraat Leiden 1945 |
Het beroep van Rosetta was dekenstikster en als beroep van Mozes staat aangegeven: vleeschhouwer – rundslager.
Het is duidelijk dat je bij Mozes alleen terecht kon voor koosjer vlees.
Het echtpaar krijgt negen kinderen, een voor die tijd niet ongewoon groot aantal.
Het jongste kind, een jongen, geboren 5 januari 1899, krijgt bij zijn besnijdenis de naam Jacob Mozes.
Over de jeugd van Jacob Mozes weten we weinig. Ongetwijfeld zal hij naar de sjoel, de synagoge op het Levendaal, zijn gegaan, waar hij toen hij dertien was geworden tijdens de Bar Mitswa-ceremonie uit de Tora heeft voorgelezen.
![]() |
Synagoge Leiden in 2015 Interieur Leidse synagoge voor de oorlog |
Jacob, of Jaap, zoals we hem later zullen noemen, heeft nogal wat beroepen uitgeoefend: twaalf ambachten en dertien ongelukken.
Het Toeval wil, dat Jacob terecht komt in een delicatessenwinkeltje op de Botermarkt in Leiden, dat gedreven wordt door de gezusters N.A. en M. de Vries en waar Jacob het oog laat vallen op de jongste, Maria. Van beide kanten is het liefde op het eerste gezicht. Nog vele jaren later zal Maria vertederd zeggen: “Hij had van die mooie blauwe ogen.”
Hij werkt dan voor de firma Canbier die twee meubelzaken op de Haarlemmerstraat heeft en waarvoor
hij klanten naar binnen moet lokken en dan een percentage als
beloning krijgt.
Maria en Jacob
Maria is de dochter van een gereformeerde Valkenburgse pannenbakker,
Arie de Vries.
Het is derhalve waarschijnlijk niet geheel toevallig dat
Jacob op de Singel in Leiden een licht ziet en een stem uit de hemel hoort, die
hem opdraagt de bijbel te gaan lezen. Het resulteert erin dat Jacob het Joodse
geloof vaarwel zegt en zich tot het Christendom bekeert.
Hoewel vader Arie als arbeider en later als ploegbaas op de
pannenfabriek had gewerkt, was hij toch niet geheel onbemiddeld. Hij kon het
zich tenminste veroorloven om in 1928 aan de Botermarkt in Leiden een huis te
kopen, waar zijn jongste dochters de delicatessenzaak van de weduwe Platteel
overnemen.
![]() |
Pannenfabriek aan de Rijn |
Ook heeft Arie de Vries voldoende kapitaal om samen met zijn broer in Valkenburg enkele huisjes aan de Kruisweg te kopen. Boze tongen beweerden dat de gebroeders op niet geheel legale wijze aan geld waren gekomen, maar daarover wordt verder stil gezwegen. We zullen hier dus maar het gezegde toepassen: van horen zeggen liegt men veel.
Personeel van de pannenfabriek in 1922 Geheel in het midden van de bovenste rij: Arie de Vries |
Beide
families zullen met de partnerkeuze van hun kind niet gelukkig zijn
geweest.
Voor het overgrote deel van de familie Van Gelderen wordt Jacob voor dood verklaard en ook in Valkenburg hebben nogal wat familieleden moeite met een verbintenis. Het 'was maar een Jood en bovendien een arme Jood'.
Toch trouwt het stel op 21 maart 1934 in Leiden en als getuigen treden op de vader van de bruid en haar zuster Neeltje.
Neeltje overlijdt korte tijd later, op 6 augustus 1934.
Voor het overgrote deel van de familie Van Gelderen wordt Jacob voor dood verklaard en ook in Valkenburg hebben nogal wat familieleden moeite met een verbintenis. Het 'was maar een Jood en bovendien een arme Jood'.
Toch trouwt het stel op 21 maart 1934 in Leiden en als getuigen treden op de vader van de bruid en haar zuster Neeltje.
Neeltje overlijdt korte tijd later, op 6 augustus 1934.
![]() |
Jacob Mozes en Maria |
Door zijn
huwelijk wordt Jacob op zijn trouwdag –
althans op papier – eigenaar van de delicatessenzaak. De zaak floreert echter
niet. De klandizie van de winkel bestond voor een groot deel uit studenten die
woonden in de kamers boven de winkel en uit leden van de grote familie De
Vries, die hun kruidenierswaren bij de gezusters hadden betrokken. Het
overgrote deel van die familie wenst echter niets te maken te hebben met “de
Jood” waardoor een belangrijk deel van de inkomsten wegvalt. Jacob besluit het
roer om te gooien en in plaats van kruidenierswaren gaat hij nu handelen in parfumerieën, toiletartikelen, lederwaren en
galanterieën. De winkel aan de Botermarkt word opgegeven en men verhuist
naar een pand in de Heerenstraat. Ook hier valt geen droog brood te verdienen
en in oktober 1936 word de zaak geheel opgedoekt.
Jacob verdient voortaan het dagelijks brood door met een fiets en een koffer met handelswaar de dorpen in de omgeving te bezoeken om daar zijn koopwaar te slijten.
Jacob en Maria verhuizen naar Valkenburg en gaan wonen in het wijkje Borculo aan de Katwijkerweg nr. 6.
Jacob verdient voortaan het dagelijks brood door met een fiets en een koffer met handelswaar de dorpen in de omgeving te bezoeken om daar zijn koopwaar te slijten.
Jacob en Maria verhuizen naar Valkenburg en gaan wonen in het wijkje Borculo aan de Katwijkerweg nr. 6.
Het paar
krijgt daar zes kinderen, alle meisjes.
![]() |
Katwijkerweg , 1944 Halverwege rechts de ingang van de Rijnstroomlaan Op de linkerhoek van de Rijnstroomlaan de kruidenierswinkel van Meijer en rechts de sigarenzaak van Van der Maarel |
Ondertussen
zijn in Duitsland de nazi’s aan de macht gekomen. Op 1 april 1933 werd daar
reeds een algemene Juden-Boykott afgekondigd. Na de uitvaardiging van de
Neurenberger wetten in 1935, waarbij de Joden werden gedegradeerd tot
tweederangsburgers en buiten de volksgemeenschap werden geplaatst, probeerden
al veel Duitse Joden het land te verlaten. Bepaald eenvoudig was dat niet, want
veel landen, waaronder Nederland, lieten deze vluchtelingen maar mondjesmaat
toe.
Aanvankelijk
maakten de Joden in het neutrale Nederland zich niet al te bezorgd, maar als in
1940 ook ons land door Duitsland onder de voet is gelopen, worden ze ook hier
weldra vervolgd. De meesten van hen worden via kamp Westerbork naar Auschwitz
vervoerd om daar vergast te worden.
Van de negen
kinderen van Rosetta van Gelderen – de Leeuw worden er vijf in
1942 in Auschwitz vermoord en één in Mauthausen. In oktober 1942 wordt
Samuel in Polen “auf der Flucht erschossen”, zijn broer Abraham komt in 1943 om in een kamp in Sakrau (Zakrow, Polen) en dochter Henrietta (Jet) wordt
in januari 1944 in Auschwitz vermoord. Moeder Rosetta is ondertussen
overgebracht naar de Joodse Invalide in Amsterdam, vanwaar ze in maart 1943
wordt getransporteerd naar Sobibor, waar ze op de dag van aankomst op 13 maart
wordt vergast.
En zo schrijf je dus in een paar zinnen op, - een
droge opsomming - welk afschuwelijk
drama zich in die jaren heeft voltrokken. Het is hier niet de plaats om daar
uitvoerig op in te gaan, maar we moeten toch even stilstaan bij de angst,
onzekerheid en kwalen die deze mensen hebben geleden. Een paar beelden uit die
tijd spreken boekdelen.
Hitler en de nazi’s zagen de Joden als een minderwaardig
ras en als iemand drie of vier Joodse grootouders had, kwam hij in aanmerking
om naar een vernietigingskamp gestuurd te worden. In principe werden daarom
Joodse christenen op dezelfde manier behandeld als andere Joden. Relatief veel
Joodse christenen hebben echter de oorlog overleefd omdat ze met een
niet-Joodse partner getrouwd waren.
Omdat de nazi’s het onderling niet eens waren wat er met de
kinderen uit die huwelijken moest gebeuren – naar vernietigingskampen gestuurd
worden of niet – werd besloten de beslissing over deze groep uit te stellen tot
na de oorlog. Dankzij zijn kinderen was Jacob Mozes aanvankelijk dus “buiten
schot” gebleven.
Wel was in zijn persoonsbewijs een grote J afgedrukt
en moest hij de gele davidsster dragen. Hij mocht zich ook niet buiten zijn woonplaats begeven, wat een ware ramp betekende, omdat hij voor zijn ambulante textielhandel vaak naar Amsterdam moest.
Eind 1943 echter wordt ook de vervolging van de Mischlinge,
de gemengd gehuwden ingezet.
Jacob moet zich melden en wordt tot nader order naar het werkkamp Havelte in Drenthe gestuurd, waar de Duitsers een vliegveld
aanleggen. Hier moet hij met andere gemengd-gehuwden meehelpen bij de
grondwerkzaamheden. De kampbewoners hebben een beperkte vrijheid en kunnen
onder andere naar de kerk gaan of in hun schaarse vrije tijd het dorp bezoeken.
Ze zijn ondergebracht in barakken, waar het allerminst aangenaam vertoeven was.
Kort voor de bevrijding, als duidelijk wordt dat Duitsland de oorlog verliest,
neemt Jacob evenals vele andere kampbewoners de benen en gaat naar huis.
Er is één brief die Jacob vanuit Havelte heeft geschreven,
bewaard gebleven.
Opvallend is, dat hij in deze brief niet alleen vertelt hoe ellendig ze zijn ondergebracht, maar vooral dat hij zijn lotgenoten wijst op de “de zonde van Israël ”
(Wat voor stompzinnige dingen dominees en schoolmeesters al niet hebben verkondigd.)
Opvallend is, dat hij in deze brief niet alleen vertelt hoe ellendig ze zijn ondergebracht, maar vooral dat hij zijn lotgenoten wijst op de “de zonde van Israël ”
(Wat voor stompzinnige dingen dominees en schoolmeesters al niet hebben verkondigd.)
![]() |
Deel van een brief die Van Gelderen vanuit Havelte schreef aan zijn gezin |
In de zomer van 1944 moet een
groot deel van het wijkje waar de familie Van Gelderen woont, op bevel van de Duitsers worden gesloopt om
voldoende schootsveld te krijgen richting zee. Ook Katwijkerweg nr. 6 valt
onder de slopershamer.
(Het wijkje kreeg na de afbraak pas de naam Borculo, omdat het deed denken aan het in 1925 door een windhoos grotendeels verwoeste Gelderse stadje Borculo.)
(Het wijkje kreeg na de afbraak pas de naam Borculo, omdat het deed denken aan het in 1925 door een windhoos grotendeels verwoeste Gelderse stadje Borculo.)
Het gezin Van Gelderen verhuist
dan naar Kruisweg 7, dat eigendom is van Maria’s vader Arie de Vries.
Na de bevrijding neemt Jacob zijn
ambulante handel weer op. Aanvankelijk
verkoopt hij allerhande waar maar na
verloop van tijd beperkt hij zich tot
textielwaren. In een zijkamertje aan de Kruisweg wordt een
manufacturenwinkeltje ingericht, waar zijn vrouw Maria ( Rie ) meestentijds de
klanten helpt.

Welk gruwelijk lot de Joden heeft getroffen, begint pas na de oorlog goed bij de mensen door te dringen. Misschien heeft men inderdaad een poosje geloofd, dat de Joden alleen maar werden gedeporteerd naar een gebied ergens in Polen of Rusland en dat ze daar een nieuw bestaan konden opbouwen. Ook bij de familie Van Gelderen wordt men zich pas na de oorlog ten volle bewust wat er met de familie is gebeurd.
Je zou verwachten, dat men op Valkenburg het gezin met enige compassie tegemoet treedt, maar dat is allerminst het geval. Onverschilligheid voert de boventoon. Vermoedelijk hebben slechts enkele mensen in Valkenburg geweten welk lot de familieleden van Van Gelderen had getroffen. Jacob zelf laat er zich nauwelijks over uit, ook niet naar zijn kinderen.
“Haal even een klosje zwart garen bij de Jood.”
“Heb je die nylons bij de Jood gekocht?”
“En één van die meiden van de Jood heeft de eerste prijs bij het blokjes rapen gewonnen.”
Reacties, op- of aanmerkingen? Graag!
Hieronder, of via het contactformulier in de rechter kolom.
Uit "De Valkenburger" 1962 |
Welk gruwelijk lot de Joden heeft getroffen, begint pas na de oorlog goed bij de mensen door te dringen. Misschien heeft men inderdaad een poosje geloofd, dat de Joden alleen maar werden gedeporteerd naar een gebied ergens in Polen of Rusland en dat ze daar een nieuw bestaan konden opbouwen. Ook bij de familie Van Gelderen wordt men zich pas na de oorlog ten volle bewust wat er met de familie is gebeurd.
![]() |
J. M. van Gelderen, ca. 1965 |
Je zou verwachten, dat men op Valkenburg het gezin met enige compassie tegemoet treedt, maar dat is allerminst het geval. Onverschilligheid voert de boventoon. Vermoedelijk hebben slechts enkele mensen in Valkenburg geweten welk lot de familieleden van Van Gelderen had getroffen. Jacob zelf laat er zich nauwelijks over uit, ook niet naar zijn kinderen.
De sluimerende antisemitische gevoelens die men ook hier in Nederland voor de
oorlog had, zijn na de oorlog niet verdwenen. Min of meer denigrerend wordt Van
Gelderen door het merendeel van de Valkenburgse bevolking aangeduid als de Jood.
“Haal even een klosje zwart garen bij de Jood.”
“Heb je die nylons bij de Jood gekocht?”
“En één van die meiden van de Jood heeft de eerste prijs bij het blokjes rapen gewonnen.”
Zulke zinnen waren heel gewoon en
je kunt je nauwelijks voorstellen, hoe vooral zijn kinderen hieronder geleden
hebben.
![]() |
Woonhuis en winkel van Van Gelderen omstreeks 1960 |
Ook Jacobs vrouw Rie zal het niet gemakkelijk hebben gehad. Bescheiden en
teruggetrokken, nauwelijks in het openbaar zichtbaar, leidde zij haar leven aan
de Kruisweg.
Hoewel Van Gelderen voor de
buitenwereld misschien een norse, chagrijnige indruk maakte is hij voor zijn
kinderen een buitengewoon liefdevolle vader geweest.
Het leven na de oorlog verloopt voor Jacob ook allesbehalve gemakkelijk.
Hij krijgt diabetes, begint slecht te zien en wordt vrijwel blind. Het winkeltje aan de Kruisweg wordt gesloten. Er moeten tenen worden afgezet, dan een been en tenslotte ook het andere been. Van Gelderen komt in een rolstoel en bezwijkt uiteindelijk op 16 augustus 1970 aan een herseninfarct.
Maria bereikt de gezegende leeftijd van 91 jaar.
Het leven na de oorlog verloopt voor Jacob ook allesbehalve gemakkelijk.
Hij krijgt diabetes, begint slecht te zien en wordt vrijwel blind. Het winkeltje aan de Kruisweg wordt gesloten. Er moeten tenen worden afgezet, dan een been en tenslotte ook het andere been. Van Gelderen komt in een rolstoel en bezwijkt uiteindelijk op 16 augustus 1970 aan een herseninfarct.
Maria bereikt de gezegende leeftijd van 91 jaar.
Sorry, meneer Van Gelderen
Sorry, mevrouw Van Gelderen
Sorry Nelly
Sorry Nelly
Sorry Rosa
Sorry Trudy
Sorry Miriam
Sorry Joke
Sorry Jacqueline
Reacties, op- of aanmerkingen? Graag!
Hieronder, of via het contactformulier in de rechter kolom.
--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Mijn hartelijke dank gaat naar de dochter en kleinzoon van Van Gelderen voor hun onmisbare informatie.
Gerrit Russchenberg leverde weer enkele prachtige foto's. Bedankt Gerrit!
Veel gegevens uit: https://www.joodsmonument.nl/
Opm.
Dochter Miriam - doopnaam Maria ( 2011 †) was bij de meeste Valkenburgers meer bekend onder de naam Rietje / Ria.
Mijn hartelijke dank gaat naar de dochter en kleinzoon van Van Gelderen voor hun onmisbare informatie.
Gerrit Russchenberg leverde weer enkele prachtige foto's. Bedankt Gerrit!
Veel gegevens uit: https://www.joodsmonument.nl/
Opm.
Dochter Miriam - doopnaam Maria ( 2011 †) was bij de meeste Valkenburgers meer bekend onder de naam Rietje / Ria.
Meer weten over het oude Valkenburg? Klik op een pagina-link in de rechterkolom.
Meer weten over de Van der Nagels? Ga naar: https://vandernagels.blogspot.nl/
Meer weten over de Van der Nagels? Ga naar: https://vandernagels.blogspot.nl/
Geen opmerkingen:
Een reactie posten